Je zult maar een brouwer zijn

18 Apr

Je zult maar een brouwer zijn. Iedere dag maak je je gereedschap en ketels grondig schoon. Je werkt wekenlang aan een recept voor een mooi bier. Je maakt een proefbrouwsel en je moet 4 weken wachten voor je weet of het een beetje smaakt. Je bent redelijk tevreden, maar je hebt nog wel verbeterpunten. Wederom maak je alles grondig schoon, begin je weer met het kookproces, maar nu net een beetje langer dan de vorige keer. Na een dag werk zit het bier weer in het vergistingsvat. Na een week kan het bier op fles en wederom moet je 4 weken wachten om te proeven of het bier nu wel geworden is zoals jij het graag wil.

Iedere keer probeer je nieuwe recepten uit. Je koopt allerlei verschillende soorten mout en probeert deze allemaal uit. De ene soort geeft het bier een prachtige kleur, maar de andere soort geeft een beter passende smaak. Wederom is het zoeken naar de perfecte balans om zo je perfecte biertje te creëren.

Met alleen het uitzoeken van de moutsoorten ben je er natuurlijk nog niet. Je moet bepalen hoe lang je de wort op een bepaald aantal graden verwarmt, je moet de juiste hopsoorten vinden en deze toevoegen aan het bier en een goede gistsoort mag natuurlijk ook niet vergeten worden. En iedere keer is het weer poetsen, wachten, nog meer poetsen en nog meer wachten.

Uiteindelijk is het bier zoals je het wil en is het klaar voor de verkoop. Je maakt een mooi etiket, of je laat er één ontwerpen door een professional. Nog even checken of alle nodige (en wettelijk verplichte) informatie op het etiket staat. Je hebt een houdbaarheidsdatum bepaald en je hoopt maar dat mensen het bier een beetje vers zullen drinken, want vers is het bier geniaal.

De flesjes worden beplakt met het etiket en het eindproduct is klaar. Na veel zweet en tranen, en hopelijk weinig bloed, is het tijd om afscheid te nemen van de nieuwste telg uit je bierfamilie. De doosjes of kratten worden klaar gezet en een vrachtwagen komt het bier ophalen. Je bent benieuwd naar reacties, maar zelf weet je het zeker: Deze keer heb je een topproduct geleverd. Natuurlijk probeer je dit altijd te doen, maar de ene keer pakt het gewoon wat beter uit dan de andere keer.

De vrachtwagen rijdt weg en brengt de bieren naar hun toekomstige eigenaar. Jouw werk is gedaan en je besluit om je brouwinstallatie nog maar een keer grondig te reinigen. Angstvallig hou je de diverse biersites in de gaten, om te kijken of er al mensen (positief) gereageerd hebben op het bier, terwijl je diep van binnen weet dat dit eigenlijk nog niet kan.

De vrachtwagen komt aan in een willekeurige stad in Nederland en parkeert bij de lokale slijter. De slijter komt enthousiast naar buiten en neemt zijn 4 dozen van je perfecte bier in ontvangst. Eenmaal binnen in zijn winkel snijdt hij de doos snel open en neemt er een fles uit. Een prachtig slank, bruin flesje met prachtig etiket en een brouwerij-unieke- dop: dat moet mensen lokken denkt hij. Sommige flessen zien er gewoon niet uit en deze zet hij dan vaak in een donker, vergeten hoekje. Die vlieger gaat voor deze fles echter niet op, want het is een waar kunstwerk.

Blij en trots op het nieuwe product maakt de winkelier plaats in de etalage van zijn winkel. Een beetje vlug zet hij de flesjes mooi achter het raam neer. Een beetje vlug, want het is alweer bijna 4 uur en het is de eerste zaterdag dat de zon eindelijk fatsoenlijk schijnt. Hij neemt 1 flesje mee voor zichzelf en sluit de winkel. Eindelijk heeft hij weekend en omdat hij op zaterdag open is, is zijn winkel op zowel zondag als maandag gesloten.

Dinsdags komt er een jongen in de winkel. Hij organiseert komende zaterdag een proeverij bij hem thuis voor zijn Ratebeer-vrienden en vraagt aan de slijter of hij nog wat bijzondere bieren heeft. De slijter heeft tijdens zijn zonnige vrije weekend erg genoten van het nieuwe bier en verwijst de nieuwsgierige klant dan ook naar zijn etalage. Het bier is gloednieuw, dus is het voor de klant en zijn tickgrage bezoek een ideaal bier voor tijdens de proeverij, want een bier voor de tweede keer drinken is op zo’n proeverij zonde van je tijd.

De brouwer heeft intussen nog een proefbrouwsel van een paar weken terug opengetrokken. Een redelijk bier, maar het is gewoon niet zo goed als het bier dat hij afgelopen zaterdag naar de winkels heeft laten verschepen. Hij past het recept weer eens aan, maakt nog een proefbrouwel en gaat weer uitgebreid poetsen, onzeker of hij de heerlijkheid van het vorige bier ooit nog gaat benaderen. Iedereen die regelmatig iets creatiefs maakt zal het gevoel kennen: Soms maak je iets waarbij alles zo op z’n plek valt dat je twijfelt of je het ooit nog zal overtreffen.

Zaterdags zit de klant met zijn vrienden in een kringetje om te woonkamertafel. Het lijkt een typische, Hollandse verjaardag, maar in het midden van de tafel staat het volgens de brouwer perfecte bier. De jongen verteld zijn vrienden dat het bier net nieuw is, dat de man van de slijterij het bier heerlijk vond en dat je het verser dan dit niet kunt krijgen.

Ze maken het flesje open en schenken een bodem van het bier in alle glazen. Het bier lijkt een beetje vreemd te ruiken en qua smaak is het ook niet geweldig. Er zit eigenlijk best wel een karton smaak aan, zijn de proevers het met elkaar eens. “En verser dan dit kun je het niet krijgen? Wat een slecht product zeg.” De mannen, geen 1 van hen mèt brouwervaring, zijn het met elkaar eens. Gevoed door de alcohol die ze al tot zich hebben genomen gaat het bier in een gesprek van 3 minuten van matig naar ongelofelijk slecht. Onverbiddelijk worden de scores toegevoegd aan Ratebeer. Een 2 hier, een 2.3 daar, maar veel hoger dan dat wordt het niet. “Hoe kun je zoiets maken en dan denken dat het fatsoenlijk is,” zegt een van de mannen. “Zou de brouwer z’n eigen bieren wel eens drinken?” vult een ander aan.

De brouwer kijkt drie dagen later, tussen de schoonmaakwerkzaamheden door, nog eens op Ratebeer. Hij zoekt zijn bier op en hij ziet dat het bier inmiddels 6 keer beoordeeld is. Benieuwd klikt hij op de naam van het bier en na het laden van de webpagina ziet hij tot zijn grote schrik dat het bier volledig wordt afgekeurd. Hij leest de beschrijvingen van het bier en kan zich er totaal niet in vinden. Het bier zou muf ruiken, naar karton smaken en bovendien een beetje slap zijn.

Teleurgesteld en een beetje verward pakt hij een flesje uit zijn koele donkere kelder en trekt het open. Bij het inschenken van het bier komt de lekkere, frisse hopgeur hem al tegemoet en bij het drinken is in de verste verte geen karton te vinden. Proberen de heren proevers hem gewoon te naaien, of is er iets mis gegaan? De zogenaamde kenners hebben nog nooit zelf een bier gebrouwd, maar hebben wel het lef om zijn zorgvuldig samengestelde product zo de grond in te boren? De brouwer kan het allemaal niet goed plaatsen en loopt weer naar zijn brouwinstallatie.

Eigenlijk heeft hij zin om nu nog meer zijn best te doen en om meteen een nog beter bier te brouwen, maar hij heeft er de energie niet voor. Hij vraagt zich af waar het fout is gegaan en twijfelt of hij het strenge publiek ooit een keer tevreden zal krijgen. Huilend hangt hij boven de brouwketel, wetende dat hij zijn opgedroogde tranen morgen weer zorgvuldig mag gaan wegpoetsen, voordat hij kan beginnen aan een nieuw brouwsel.

Je zult maar een brouwer zijn…

No comments yet

Leave a Reply